Zending en Evangelisatie

Zending

De kerk heeft het Woord van God, de Bijbel, gekregen als kostbaar geschenk. De Heer Jezus wil, dat ervan uitgedeeld wordt in de wereld, zodat alle mensen Gods goede nieuws te horen krijgen. Dit maakte de Heer Jezus duidelijk aan zijn discipelen toen hij bij zijn hemelvaart tegen hen zei: "Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb. En houd dit voor ogen: ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld." (Mat. 28:19,20) Christenen hebben wereldwijd deze taak opgepakt en zo werd het evangelie verbreid naar alle windstreken.

Ook vanuit de CGK worden zendingsactiviteiten ondernomen. Op veel plekken in de wereld ontstaan kerken, die nu ook zelf het evangelie verder om zich heen verspreiden. Daardoor heeft zending in veel gevallen plaats gemaakt voor hulp aan deze (vaak nog jonge) kerken, zodat zij zelf deze belangrijke taak kunnen uitvoeren.

Vanouds is er een sterke band tussen zending en hulpverlening. Die hulpverlening concentreerde zich vroeger vooral op gebieden als gezondheidszorg en onderwijs. Tegenwoordig wordt een veel breder gebied bestreken.

Evangelisatie

Het goede nieuws van God niet voor jezelf houden, houdt een opdracht in voor elke kerkelijke gemeente in Nederland. Dit omdat Nederland weer volop zendingsgebied is geworden. Niet alleen zijn velen hier gekomen vanuit andere culturen; ook veel oorspronkelijke landgenoten kennen God niet meer. Veel kerkleden willen beide groepen graag met Gods Woord bereiken en houden zich daarom met evangelisatie bezig. De evangelisatiecommissie heeft tot taak om activiteiten te ontplooien en gemeenteleden te begeleiden zodat aan buitenkerkelijken het evangelie kan worden verkondigd.